Over Gebiedsfonds, Planschade, Subsidies, het Gebiedsfonds en meer

Wordt mijn huis minder waard door windmolens in de buurt?

Uit het onderzoek dat hier tot nu toe is gedaan, blijkt dat woningen hooguit een paar procent minder waard kunnen worden. Dit is afhankelijk van de afstand tot de windmolens. Dit effect is in sommige gevallen tijdelijk (bijvoorbeeld door negatieve publiciteit). De waarde van een woning kan na een tijdje weer gelijk zijn aan woningen in de omgeving.
Veel meer daarover en ook een verwijzing naar de onderzoeken die zijn gedaan, is te vinden op website van de Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA).

Planschade
Omwonenden kunnen (via hun gemeente) een beroep doen op de wettelijke planschaderegeling. Zie daarvoor de websites van de gemeenten.
Gemeente Borger – Odoorn
Gemeente Aa en Hunze
Gemeente Stadskanaal

Het gebiedsfonds: wat is dat precies?

Het gebiedsfonds is een jaarlijkse geldstroom waarmee omwonenden de leefbaarheid in het gebied kunnen verbeteren. Daarbij valt te denken aan een revolverend fonds (geleend geld uit het fonds wordt terugbetaald zodat het weer kan worden uitgeleend) voor zonnepanelen, isolatiemaatregelen, internetverbindingen, ledverlichting in straatlantaarns, groenvoorzieningen en nog veel meer. Bewoners van het gebied rondom de windmolens bepalen zelf wat zij hiermee doen. Dit geld komt van de provincie Drenthe en de initiatiefnemers van het windpark. Bij vrijwel alle windmolens in Nederland wordt een dergelijk fonds gemaakt. Zo delen inwoners in de opbrengsten.

De provincie stopt er 180.000 euro per jaar in. Dit gebeurt vanaf 2018 en dan tien jaar lang.

De initiatiefnemers betalen voor een periode van 15 jaar het bovenwettelijke bedrag van 0,50 euro per opgewekte MWh per jaar aan het gebiedsfonds. Dit is conform de NWEA-gedragscode Wind op Land. De exacte jaarlijkse bijdrage aan het gebiedsfonds hangt dus af van hoeveel de windturbines in het afgelopen jaar hebben opgewekt.

Als rekenvoorbeeld nemen we de verwachte opbrengst van de windturbines. Met 15 miljoen kilowattuur (kWh) per windturbine is dat 675.000.000 kWh per jaar.
Een megawattuur is 1000 kilowattuur, dus dat is 675.000 MWh per jaar.
Dat wordt vermenigvuldigd met 50 cent en betekent een jaarlijkse bijdrage van 337.500 euro aan het gebiedsfonds.

De bedoeling is dat het fonds voor een groot deel wordt bestuurd door bewoners.

Waar gaat het geld uit het Gebiedsfonds naar toe?

Er zijn veel mogelijkheden. Het geld gebruiken om woningen te isoleren, is een duidelijk voorbeeld. Maar het kan ook worden gebruikt om een dorpshuis elk jaar financieel te steunen of zonnepanelen op een school te leggen. Het kan worden gebruikt om snel internet aan te leggen in een gebied waar dat anders niet zo snel gebeurt. Ook zijn er plaatsen waar wordt besloten (een deel van) het geld te verdelen onder de mensen die dichtbij de windmolens wonen.

Allerlei ideeën zijn welkom. De provincie Drenthe coördineert het opzetten van het gebiedsfonds. Het doel is dat een bestuur van het fonds met daarin de belangrijkste stem voor de inwoners zelf bepaalt wat er met het geld gebeurt.

Een gebiedsfonds: is dat een poging om bezwaar af te kopen?

Nee, het gebiedsfonds is geen poging om bezwaar af te kopen.
Duurzame energie uit wind biedt namelijk vooral de kans om de opbrengsten eerlijker te verdelen. Mensen die vlakbij een kolen- of gascentrale wonen, krijgen daarvoor geen geld. Terwijl het bij windmolens juist de bedoeling is dat inwoners er ook financieel van profiteren. Dat kan op allerlei manieren: door lid te worden van een coöperatie, door mee te investeren via obligaties of via het gebiedsfonds.

Er zijn hiervoor twee redenen.
* Ten eerste zijn windmolens in de buurt een grote verandering. Ook kunnen omwonenden er soms last van hebben. De initiatiefnemers van dit windpark en veel andere windparken in Nederland vinden dat omwonenden daarom naast de lasten ook de lusten moeten hebben.
* Ten tweede is de wind van ons allemaal. Windmoleneigenaren verdienen daar geld aan door er stroom mee op te wekken. Maar omdat de wind van ons allemaal is, is het wel zo eerlijk om die opbrengsten onder elkaar te verdelen.

Stroom opwekken via windmolens biedt inwoners van dit gebied kansen om er zelf ook beter van te worden. En verder mogen ook mensen die bezwaar maken tegen de windmolens lid worden van de coöperatie, mee-investeren in het windpark of meedenken over het gebiedsfonds.

Hoe profiteert het gebied als geheel van windmolens?

Door het gebiedsfonds te gebruiken voor regionale projecten kan het hele gebied profiteren van de windmolens.

Daarnaast betalen de eigenaren van de windmolens elk jaar onroerende zaakbelasting (ozb) aan de gemeenten Aa en Hunze en Borger Odoorn. Dat is dezelfde belasting die elke woningeigenaar betaalt. Bij windmolens kunnen dat forse bedragen zijn. Dat geld kan de gemeente bijvoorbeeld gebruiken voor voorzieningen in het gebied.

Door te investeren in coöperaties kunnen mensen mede-eigenaar worden van de windmolens. Zij bepalen dan via die coöperatie ook wat er gebeurt met de opbrengsten. Daarvan kan de hele regio profiteren. Coöperatie De Windvogel (die ook meedoet binnen dit windpark) heeft bijvoorbeeld in het Limburgse Neer geholpen een windmolen te plaatsen. De opbrengsten daarvan maakten het mede mogelijk dat er nu glasvezel ligt in een gebied dat een ‘digitale woestijn’ werd genoemd.

Bij de bouw van de windmolens worden bij voorkeur lokale bedrijven ingeschakeld. Voor de bouw van dit windpark zijn ongeveer 200 fulltime krachten nodig. Voor het onderhoud en management in de jaren daarna zijn ongeveer vijftien fulltime krachten nodig. Het is het beste om monteurs uit de directe omgeving te hebben.
En als bijvoorbeeld het gebiedsfonds wordt gebruikt om woningen te isoleren, kunnen bouwbedrijven uit de regio daar ook weer van profiteren. Zij hebben dan immers meer werk.

Misschien is het ook wel mogelijk ‘windmolentoerisme’ op te zetten rond dit windpark. Daarvan zijn al voorbeelden in andere delen van het land. Zoals in de Noordoostpolder waar een informatiecentrum is gemaakt. Inclusief rondleidingen langs de windmolens. Schoolreisjes zijn mogelijk en wie weet wat nog meer. Er worden in Nederland regelmatig open dagen gehouden waarbij een windmolen is te bezoeken en mensen uitleg erover krijgen. Deze open dagen worden vaak drukbezocht. Dit gebied in Drenthe kan een koploper worden op het gebied van duurzame energie. Het is goed mogelijk dat dit imago leidt tot verdere spin-off.

Hoe zit dat met subsidies voor windmolens?

‘Windmolens draaien op subsidie’, zo wordt er wel eens gezegd. Het klopt dat windmolens subsidie krijgen. Windmolens krijgen net als bijvoorbeeld grote zonneparken een SDE+-subsidie. Dat staat voor Stimulering Duurzame Energieproductie. De SDE+ betaalt het verschil tussen wat het kost om stroom te maken met windmolens en de verkoopprijs van stroom die is gemaakt met steenkool en aardgas. De  om (als ze eenmaal staan) het verschil te compenseren tussen kostprijs en marktprijs van de elektriciteit.subsidie is dus niet bestemd voor het bouwen van windmolens, maar

Het is nu nog goedkoper om ‘grijze’ stroom te maken met steenkool en aardgas dan ‘groene’ stroom met de wind of zon. Als er geen subsidie is voor stroom uit windmolens, moeten consumenten meer betalen voor groene stroom. Dat doen uiteraard maar weinig mensen. Om te zorgen dat mensen niet meer betalen voor groene stroom en de eigenaar van de windmolen geen verlies maakt, verstrekt de Rijksoverheid subsidie aan windmolenstroom. Zo nemen meer mensen groene stroom en dat helpt de klimaatverandering af te remmen.

Alles over deze SDE+-subsidie, inclusief de bedragen, kunt u hier lezen. En belangrijk om te weten: de subsidie wordt elk jaar minder, windmolenbouwers worden aangespoord steeds goedkoper te werken.
Of de leus ‘windmolens draaien op subsidie’ klopt, is ook eens belicht door het onafhankelijk journalistieke medium de Correspondent. Dat kunt u hier lezen.

Hoe haal ik persoonlijk voordeel uit de windmolens?

Dat kan vooral door mee te doen met het windpark.
U leest daarover uitgebreid op de pagina Participatie.

Bijvoorbeeld door lid te worden van de burgercoöperatie De Windvogel.Iedereen kan deelnemen die lid wordt kan profiteren van en meebeslissen over de opbrengsten. Voor eenmalig €50 euro bent u lid van coöperatieve vereniging De Windvogel. De coöperatie is eigenaar van de twee windmolens die zo in handen komen van de burgers.
Daarnaast kunt u een bedrag naar keuze (een veelvoud van €50) investeren in het windpark. Daarover ontvangt u een goed rendement, wat we samen bepalen.

Bij voorkeur richt De Windvogel samen met de inwoners een lokale burgercoöperatie op. Zo blijven alle beslissingen over en opbrengsten van de windmolens bij de bewoners zelf. De lokale economie profiteert optimaal. Met het geld dat de lokale coöperatie beheert, kunnen er vele nieuwe (duurzame) projecten voor de regio gefinancierd worden. Zo zijn de windmolens een vliegwiel voor nieuwe duurzame ontwikkeling.
Wilt u meehelpen om de lokale coöperatie op te bouwen? Stuur dan een mail naar info@windvogel.nl

Daarnaast kunt u projecten aandragen bij het gebiedsfonds. Als bijvoorbeeld het gebiedsfonds wordt gebruikt om woningen te isoleren, profiteert u daar ook van als uw woning zo onder handen wordt genomen. U krijgt een comfortabeler woning, uw maandelijkse energierekening daalt (fors) en uw huis wordt mogelijk meer waard.
Meer over dat Gebiedsfonds vindt u hier.

Hoe kan ik stroom krijgen van deze windmolens?

Kijk daarvoor naar de opties op de pagina Participatie.

Waar (en hoe) kan ik Planschade claimen?

Omwonenden kunnen (via hun gemeente) een beroep doen op de wettelijke planschaderegeling.
Zie daarvoor de websites van de gemeenten.
Gemeente Borger – Odoorn
Gemeente Aa en Hunze
Gemeente Stadskanaal