Over (laagfrequent) geluid, slagschaduw en meer

Zijn windmolens slecht voor mijn gezondheid?

Er zijn mensen die vrezen dat hun gezondheid verslechtert als er windmolens in de buurt komen.  Er is veel onderzoek gedaan naar dit onderwerp, bijvoorbeeld door de GGD en het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu). De conclusie uit dat onderzoek is duidelijk: er is geen bewijs dat windmolens mensen ziek maken. Dat directe verband is niet ontdekt.

Ook zijn er mensen die zorgen hebben over het laagfrequent geluid dat windmolens maken. Ook hiervoor geldt dat niet wetenschappelijk is aangetoond dat dit geluid tot gezondheidsschade leidt.
Daarbij is het belangrijk op te merken dat er nog veel meer bronnen van laagfrequent geluid zijn. Allerlei machines, apparaten en bijvoorbeeld wegen maken ook dit geluid. Vaak nog meer dan windmolens maken. Bovendien wordt er in de geluidsnormen voor windmolens rekening gehouden met laagfrequent geluid. Zo wordt voorkomen dat er te veel van dit geluid wordt geproduceerd.

Meer over onderzoek van de GGD naar het effect van windmolens op de gezondheid van omwonenden is hier te vinden.
Ook de Correspondent – een onafhankelijk journalistiek medium dat zich vooral richt op onderzoek, achtergronden en fact checking – schreef over dit onderwerp een artikel.

Krijg ik last van het geluid van windmolens?

Windmolens maken geluid doordat de wieken draaien door de wind. Ook maken de ronddraaiende as, tandwielen en generator bovenin de windmolen geluid. Maar nieuwe windmolens zijn goed geïsoleerd of hebben geen tandwielkast meer waardoor dit geluid niet meer te horen is.

De enige geluidsbron zijn daardoor de ronddraaiende wieken. Deze bewegen door de lucht en dat is te horen als een gezoef of gezwiep. Het is mogelijk om geluid verder te beperken door bijvoorbeeld windmolens te kiezen die wieken hebben met een uilenvleugelstructuur. Lees hier meer over de uilenvleugelstructuur.

Er zijn duidelijke wettelijke grenzen waarbinnen het geluid van de windmolens moet blijven. Die grenzen worden bij windpark De Drentse Monden en Oostermoer uiteraard gerespecteerd.

Of mensen last hebben van het geluid, is heel persoonlijk. Dat blijkt uit meerdere onderzoeken en voorbeelden uit de praktijk. Wie principieel tegen windmolens is, zal eerder de windmolens horen en zich daaraan ergeren. Die ervaart dus hinder. Maar wie wel vóór windmolens is of er bijvoorbeeld aan deelneemt doordat hij of zij mede-eigenaar is, hoort de windmolens vaker niet of nauwelijks. En als die persoon ze hoort, ervaart hij of zij ze minder snel of niet als hinderlijk. Het blijkt dat die aspecten belangrijk zijn bij het beantwoorden van de vraag of windmolens veel geluid veroorzaken. Daarnaast gelden er geluidsnormen voor de windmolens. Deze zijn zo opgesteld dat het geluid van de windmolens wordt beperkt tot een niveau waarmee onaanvaardbare hinder voor omwonenden wordt voorkomen.

Hier kunt u meer lezen over de geluidsnormen die gelden voor windmolens.

In 2015 is onderzoek gedaan door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). In dit onderzoek en in eerder onderzoek is gekeken naar locaties waar windmolens de maximale hoeveelheid geluid produceren die wettelijk is toegestaan (Lden = 47 db(A)).
Van de omwonenden die wonen op deze maximale geluidsnorm zegt 17 procent aan dat jaar hinder van windturbinegeluid binnenshuis te hebben ervaren.
Van de omwonenden die wonen op deze maximale geluidsnorm zegt 8,1 procent ernstige hinder van windturbinegeluid binnenshuis te hebben ervaren.
Dat betekent dat 83 procent van de ondervraagden die op de maximale geluidsnorm van Lden 47 dB(A) wonen in het afgelopen jaar geen hinder binnenshuis heeft ervaren.
De overgrote meerderheid zegt in huis geen last van het geluid van de windmolen te hebben. Daarbij gaat dit dus om mensen waarbij de windmolen de hoeveelheid geluid produceert die maximaal is toegestaan. In de praktijk is bij veel huizen de afstand tot de windmolen groter waardoor de windmolen minder goed is te horen.

Het onderzoek van het RIVM over het geluid van windmolens is openbaar en te vinden op deze website.
Het onderzoeksrapport vindt u hier.
Hier kunt u de kaarten met de geluidscontouren van windpark De Drentse Monden en Oostermoer zien.
De rode lijn op de kaarten is de contour van Lden 47 dB. Dat is de wettelijke norm. Meer dan Lden 47 dB mag er niet op de gevel van bijvoorbeeld een woning aan geluid worden geproduceerd.

Klik hier voor de geluidscontouren voor de noordelijke helft van het windpark.
Klik hier voor de geluidscontouren voor de zuidelijke helft van het windpark.

Wat is slagschaduw? Krijg ik daar mee te maken?

De zon schijnt tegen een windmolen aan en dan ontstaat achter de molen een schaduw. Als de wieken dan draaien door de wind, beweegt die schaduw ook. Die bewegende schaduw heet slagschaduw. Mensen kunnen daar last van hebben als die schaduw bijvoorbeeld over een raam van het huis gaat.
Slagschaduw ontstaat het vaakst in de lente en de herfst. De zon staat dan lager, terwijl de zon nog wel met enige regelmaat schijnt. In de winter staat de zon lager en is de schaduw van de windmolen langer, maar in de winter schijnt de zon minder vaak waardoor er minder vaak sprake is van slagschaduw dan in de herfst en het najaar. In de zomer schijnt de zon vaak, maar staat dan ook veel hoger aan de hemel waardoor de schaduw van de windmolen aanzienlijk korter is.

Er is een wettelijke norm voor slagschaduw: zeventien dagen per jaar mag er meer dan 20 minuten slagschaduw worden veroorzaakt. Alle andere dagen van het jaar mag de slagschaduw minder dan 20 minuten per dag duren.
De initiatiefnemers van windpark De Drentse Monden en Oostermoer hebben besloten de norm zo te interpreteren dat er maximaal zes uur slagschaduw per jaar mag ontstaan. Dat is dus aanzienlijk minder dan volgens de wettelijke norm zou mogen.

Deze grens van maximaal zes uur slagschaduw per jaar geldt voor woningen, scholen, verpleeg-, verzorgings- en ziekenhuizen, kinderdagverblijven en psychiatrische instellingen in de omgeving van de windmolens.

En de gezondheid van vogels, vleermuizen, insecten en andere dieren?

De gevolgen  zijn zeer klein ten opzichte van andere bronnen van dierenleed zoals snelwegen, katten en flatgebouwen. Daar is voor windpark De Drentse Monden en Oostermoer uitgebreid onderzoek naar gedaan door ecologen.
Dit windpark ligt buiten beschermde natuurgebieden. Vogels en vleermuizen kunnen doodgaan door windmolens, veelal doordat ze er tegenaan vliegen. Maar dat gaat om weinig dieren. Uit de onderzoeken voor dit windpark blijkt dat de 45 windmolens eigenlijk geen effect hebben op het aantal vogels en vleermuizen in het gebied. Geen enkele diersoort komt hierdoor in de problemen.

In dit rapport, bij paragraaf 6.5, kunt u daar nog veel meer over lezen. De instandhouding van dieren komt niet in gevaar en bovendien zijn er wettelijke afspraken hierover via de Flora en Faunawet.

In het algemeen kunnen vooral vogels en vleermuizen sterven door windmolens. Dat gebeurt vooral doordat ze er tegenaan vliegen of doordat het gebied waar ze voedsel zoeken wordt verstoord. Maar dat is niet anders dan bijvoorbeeld auto’s die een gebied verstoren of vogels raken. En waarschijnlijk heeft iedereen wel eens meegemaakt dat er thuis een vogel tegen het raam vloog. De belangrijkste conclusie is dat windmolens zeker niet veel vogels dood maken. Alleen al katten bijvoorbeeld doden in Nederland veel meer vogels dan alle windmolens samen.

Maakt een zwaardere turbine meer geluids?

Deze vraag wordt vaker gesteld maar is moeilijk te beantwoorden. De normen voor de hoeveelheid geluidsdruk op de gevel van een woning zijn niet afhankelijk van het vermogen van de turbine. Zoals meermalen bevestigd door uitspraken van de Raad van State omvatten deze normen ook het zgn. laagfrequent geluid.